Weinig mensen zullen weten dat Burgers dierenpark uit Arnhem zijn wortels in de Achterhoek had.
Aan de tegenwoordige Vossenweg in 's Heerenberg werd ongeveer een eeuw geleden de basis gelegd voor deze dierentuin.

Burgers had sinds 1903 een exportslachterij, maar hield toch meer van levende dieren.
Met zijn verzameling fazanten en pauwen en zijn kennel Duitse doggen won hij al voor 1900 in binnen- en buitenland vele prijzen.
Zo groeide zijn landgoed uit tot "Fazanterie Buitenlust".

Jarenlang heeft Burgers met het idee van een heuse dierentuin rondgelopen.
Hij ondernam diverse studiereizen.
Vooral de nieuwe Zoo van Hagenbeck bij Hamburg sprak hem enorm aan, omdat hier voor het eerst de natuurlijke leefomgeving van de dieren was nagebootst.
Hij bestudeerde de rotsbouw van (toen nog ongewapend) beton en las veel over dieren.

In het najaar van 1911 ontmoette hij de directeur Goffart van de Zoologischen Garten in Munster, die hem met raad en daad verder hielp.
Er werd een plattegrond gemaakt en in het voorjaar van 1912 werden twee aangrenzende terreinen aangekocht.
Zes arbeiders, gingen aan de slag en bouwden behalve volieres ook verblijven voor vossen, martens, dassen, wilde zwijnen, herten en wolven, Er kwamen lama's, kamelen, beren, hyena's, leeuwen en mouflons.



De 's-Heerenbergse slager J.G.H. Burgers opende op 30 maart 1913 zonder feestvertoon zijn "Eerste Nederlandsche Natuur-Dierenpark".
In verband met de eerste wereldoorlog en de voedseldistributie werd het na 1915 enorm moeilijk om aan dierenvoedsel te komen.
Het dierenbestand moest drastisch worden ingekrompen.
Maar Burgers herstelde zich.
Er was veel interesse van de zijde van de pers, van zoologen en collega-directeuren van dierentuinen.
Zo bezocht ook de toenmalige Artis-directeur Dr. Kerbert 's-Heerenberg.
Maar helaas: het grote publiek bleef weg.

Langzaam kwam zo het moment waarop Burgers in 's-Heerenberg niet verder kon.
Er was sprake van een conflict met het Berhse gemeentebestuur, maar het wegblijven van het grote publiek had er vast mee te maken dat de dierentuin in een uithoek van Nederland lag.
Het openbaar vervoer bestond slechts uit een tram, en er werd toendertijd ook nog tol geheven.
In een boekje uit deze tijd stond: "Bij een rondgang door dezen beestenboogerd, gelijk ik de 's-Heerenbergsche Artis zou willen noemen, zal ieder wel uiting geven aan zijn verbazing zoiets te vinden in zulk een afgelegen plaatsje in den Achterhoek".

Burgers besloot zijn dierenpark te verhuizen, Arnhem werd de nieuwe plaats.
In de herfst van 1923 werd alles verhuisd, de vaste dierenverblijven bleven in 's Heerenberg.
25 juli 1924 werd het nieuwe Burger's Dierenpark in Arnhem geopend.

Op de plek in 's Heerenberg staat nu een huis met de naam "Vogelweide".
In de volksmond heet het terrein nog steeds "het dierenpark".

Bron: Graafschapbode 16 april 1988.