Vroeger was het hier een wild en onontgonnen terrein, een moerasgebied dat overging in het Ruurlosebroek en het Wolfersveen.
In dit ontoegankelijke gebied verschool zich een Duitse deserteur die erg sterk was en daarom de bijnaam "den Starken Niklaus" kreeg.
Hij woonde daar op een klein boerderijtje en kon van de opbrengst leven.

Hij was zo sterk dat hij met de ploeg iemand de weg aanwees waarheen hij gaan moest.
Eens zat hij bij een boer binnen, toen er een handelaar binnenkwam die wat wilde verkopen.
De boer had niets nodig maar de man bleef vervelend aandringen, werd brutaal en begon te dreigen. Niklaus zei niets, maar pakte de vuurtang.
Alsof het hem geen moeite kostte verwrong hij de tang en boog hem vervolgens weer in de oorspronkelijke vorm.
Toen de koopman dit gezien had, nam hij snel de benen.

Op zijn sterfbed dacht men dat zijn krachten wel voorbij waren, maar om te laten zien dat hij nog sterk genoeg was draaide hij nog even de knopppen van de stoelen in zijn woonkamer!
De naam Nicolaas werd aan een boerderij gegeven en leeft nu voort in de Nicolaasweg.

Bron: Kijken en zien J.G. Vos