Hier in Meuhoek, tussen Varsseveld en Halle, leefde aan het eind van de achttiende eeuw een man waar over vele verhalen de ronde deden.
Zijn naam was Derk Jan te Brinke, maar hij werd de Spekvos genoemd en hij woonde in zijn Spekvoshutte, nu Marssestraat 16 in Halle.

Wie de Spekvos was, weet eigenlijk niemand meer.
Sommigen meenden dat hij een deserteur uit Napoleons leger of een achtergebleven Kozak was.
Waarschijnlijk was hij echter gewoon daar geboren, maar wenste hij zich niet aan te passen.

Hij voorzag in zijn levensonderhoud door mensen geld en voedsel afhandig te maken, hierbij werd geweld niet geschuwd.
Tientallen kilometers in de omtrek maakte hii de boel onveilig.
Door zijn streken en omdat er vaak een gestolen stuk spek uit zijn jaszak stak, kreeg hij zijn bijnaam.

De schrik zat er goed in, men vermoedde zelfs dat hij toverkracht bezat en dat alleen een kogel van speciale samenstelling een eind er aan kon maken.
De overheid deed ook weinig om hem te pakken, hoewel hij wel enige tijd gevangen heeft gezeten.
Een legertje politie agenten moest er aan te pas komen om hem in bedwang te houden!

Maar er gingen ook verhalen dat hij een soort Robin Hood was, die stal van de rijken en gaf aan de armen.
De situatie werd echter dusdanig onhoudbaar dat de buurt het recht in eigen hand nam.

Toen hij de moeder van Bernd Bosboom, die naar zijn boerderij "Baernd van de Stampert" werd genoemd, had beledigd, werd Bernd zo kwaad dat hij de "Spekvos" doodschoot.
Dit gebeurde op 29 maart 1790.
Zijn laatste woorden waren, "Baernd, Baernd, ik zegge ow, schiet niet", maar dit mocht niet meer baten.

Een groot gedeelte van de Achterhoek was bevrijd van deze misdadiger.
Baernd van de Stampert werd niet veroordeeld voor deze moord, hij verdween op de grote vaart.