Hier, bij boerderij Hofman heeft het vroeger gespookt, zo wordt er verteld.
Op een najaarsavond zat er opeens een vreemd mannetje bij het vuur, het zat daar maar en zei niets.
Plotseling was het verdwenen, maar de volgende avond was hij weer terug.

De mensen werden er zenuwachtig van en het vee ook, de koeien hielden pas op met loeien als het kereltje verdwenen was.
De dominee die erbij gehaald werd wist ook geen raad.



Tenslotte kwam de pastoor van Lunten, hij kieperde het mannetje hals over kop in de slotgracht.
Het gaf niet eens een plons en het mannetje is blijven zwijgen totdat het voorgoed verdween.
De pastoor gooide een schepel spurriezaad in de gracht, elk jaar zou daar een korreltje van vergaan.
Als alles verteerd is mag het mannetje terug komen.

Op de boerderij heeft het sindsdien niet meer gespookt, maar boven de gracht zweefden bij nacht en ontij drie zwarte gedaanten.
Zij bewaken het mannetje totdat het spurriezaad op is.........


Bron:De Achterhoek,kris kras langs berkel en slinge.